zilverenkruis-caroeline-stevens

De toekomst van de gezondheidszorg is NU! Wie doet er mee?!

Inmiddels werkt Zorg1 alweer zeven jaar samen met het Zilveren Kruis. Met de komst van medisch en zorginhoudelijk adviseur Caroeline Stevens bij de zorgverzeraar in 2018 hebben we mooie stappen kunnen zetten en de samenwerking nog verder kunnen verdiepen. Caroeline is zelf jarenlang werkzaam geweest als fysiotherapeut en bekijkt onze markt dan ook vanuit haar eigen praktijkervaring. De aanstelling van Caroeline komt voort uit de visie van het Zilveren Kruis dat kennis en ervaring in het werkveld noodzakelijk is om uitvoerbaar beleid te maken. Je moet zelf met je voeten in de klei hebben gestaan, om te kunnen aanvoelen wat er nodig is. Wij kunnen deze visie alleen maar omarmen. Als brug naar 2021 hebben wij Caroeline gevraagd hoe Zilveren Kruis nu kijkt naar de systematiek van Zorg1, welke maatwerkafspraken er worden gemaakt en welk beleid Zilveren Kruis de komende jaren gaat voeren.

 

Betaalbaar houden van de zorg

Caroeline heeft haar opleiding Fysiotherapie in 1991 afgerond. Na haar studie is zij jaren werkzaam geweest als fysiotherapeut.In 2016 heeft zij de stap genomen om haar praktijkervaring in te zetten bij het KNGF. Vanuit die rol heeft zij in 2018 de overstap gemaakt naar  Zilveren Kruis, waar Caroeline nu nog steeds met veel toewijding en gedrevenheid werkt. “Bij de beroepsvereniging kon ik veel doen voor onze beroepsgroep, alleen het was voor mij te eenzijdig. Wat ik zo mooi vind aan mijn werk als medisch en zorginhoudelijk adviseur bij  Zilveren Kruis is dat daar alle werelden samenkomen. Ik kan mij bezighouden met de inkoop en de inhoud van de paramedische zorg. Daarbij ligt een een grote uitdaging in het betaalbaar houden van de zorg voor onze verzerkerden, zonder dat er ingeleverd hoeft te worden op zorgkwaliteit!”

 

Werelden elkaar laten ontmoeten –  begrip kweken – elkaar ondersteunen

“Zilveren Kruis ziet hoe moeilijk het is voor beleidsmakers, die niet uit de branche komen, om de wereld waar het echt gebeurt, goed aan te voelen. Daarom stelt Zilveren Kruis bewust adviseurs aan die beschikken over relevante praktijkervaring in de verschillende sectoren. “Om deze reden ben ik ook bij  Zilveren Kruis terecht gekomen. Als adviseurs moeten wij  in staat zijn om de vertaling te maken van de visie en het beleid van Zilveren Kruis naar de uitvoerbaarheid naar  zorgverleners..  Daarnaast zijn we ook linking pin en is het ook aan ons goed te monitoren wat er speelt in het veld en dat weer in te brengen bij Zilveren Kruis. Het beleid moet  niet alleen achter een bureau verzonnen worden, maar vooral ook via input uit het werkveld . In het land zijn al zoveel zinvolle initiatieven. Wij willen het beleid zo dicht mogelijk bij de werkelijkheid van zorgverleners houden. De eerste stap is om de werelden elkaar te laten ontmoeten, stap twee is zien wat een ander doet en beweegt en daarvoor wederzijds begrip te kweken. De derde stap is vaststellen of  je dan ook echt wat voor elkaar kunt betekenen en elkaar daarin kunt helpen en ondersteunen.”

 

Huidige vergoedingsmodel heeft beperkingen

Caroeline geeft aan dat er binnen de fysiotherapie nu veel verdeeldheid is.. “Verschillende opvattingen en stromingen zijn prima, maar geef elkaar wat meer ruimte. Fysiotherapie heeft heel veel potentie om een belangrijke plek in te nemen in eerstelijnszorg, maar  de verschillende belangen maken het complex. Het belang van de eerstelijn wordt alleen maar groter, alleen de manier waarop is een zoektocht. Kan het ook anders georganiseerd worden? Hier komt Zorg1  om de hoek kijken. In het huidige vergoedingsmodel worden prestaties gedeclareerd. Dit vergoedingsmodel lijkt voor de toekomst niet ideaal. Want hierdoor blijft de prikkel prestatie versus beloning bestaan. Terwijl je als fysiotherapeut meer vrijheid zou willen hebben, zonder dat dat direct financiële consequenties heeft. Het is alleen heel ingrijpend om dat in het systeem te veranderen. En nu  vragen wij aan de ene kant om het behandelgemiddelde laag te houden, maar geven (nog) geen extra mogelijkheden om dat mogelijk maken. Wij zijn ons daarvan bewust. De zorg dient voor iedereen direct beschikbaar te zijn, nu en in de toekomst. De traditionele behandeling kan echter niet zomaar ingeruild worden voor behandelingen op afstand. We moeten eerst maar eens leren wanneer we het wel en niet kunnen inzetten. Kunnen bepaalde behandeltrajecten bijvoorbeeld helemaal online? En welke trajecten echt niet? Wanneer moet iemand wel en wanneer niet naar de fysiotherapeut toe?” Zorg verlenen via het beeldscherm werkt echt anders. Hoe breng je een boodschap over via het beeldscherm? Welke non-verbale signalen kun je uit een beeldcontact halen? Hoe maak je écht contact met je patiënt en hoe creëer je een zelfde mate van vertrouwelijkheid en veiligheid als in de behandelkamer? Allemaal issues die we niet één- twee-drie kunnen beantwoorden, maar die wel cruciaal zijn als we zorg op afstand van toegevoegde waarde willen laten zijn.

 

Inhaken op bestaande initiatieven

“Kortom: We moeten ervoor waken dat we nu niet in de valkuil stappen om traditioneel te blijven denken en binnen die bestaande kaders willen volstaan met kleine aanpassingen. Er is geen reden meer om terug te willen naar ‘hoe het was’. De toekomst van de fysiotherapie is nu, er is veranderingsbereidheid op alle niveaus en er is zoveel mogelijk! Kunst is om te kijken hoe de wereld er na corona uitziet. Wij – maar ook de fysiotherapeuten – denken nog teveel in traditionele patronen en dat beperkt ons soms om in oplossingen te denken en nieuwe kansen te zien. Maar onzeverzekerden, jullie patiënten, doen dat ook. Hun verwachting heeft invloed op de keuzes die wij maken, maar ongetwijfeld ook op de keuzes die de fysiotherapeuten maken. Het is onze gezamenlijke taak om onze verzekerden mee te nemen in de transitie die plaatsvindt. En hen goed te informeren over het belang van fysiotherapie voor hun gezondheid. Binnen ons inkoopbeleid fysiotherapie 2021 is één van de modules ‘Samenwerken in de Regio’. Hier konden praktijken een voorstel voor indienen.  We zijn deze momenteel aan het beoordelen. Wij hopen heel erg dat daar aanvragen tussen zitten voor projecten waarin zorg op afstand wordt aangeboden. We willen graag projecten in het land mogelijk maken, die bedacht zijn of zelfs al deels gestart zijn. We willen graag meegaan in iets wat ontwikkeld is als oplossing voor een probleem waar zorgaanbieders al mee te maken hebben.  De kunst is om mensen te vinden die durven om te denken. Door aan te haken bij innovatieve praktijken, kunnen we deze ideeën veel meer kans van slagen geven.”

 

Hoe past Zorg1 binnen het beleid van Zilveren Kruis?

De prikkel om te behandelen als voorwaarde voor een vergoeding maakt het in het huidige vergoedingsmodel moeilijk om de kwaliteit of inhoud van het behandelen te beoordelen. Daarnaast komt de betaalbaarheid van de aanvullende verzekering steeds meer onder druk te staan. Er zijn echt andere bekostigingsmodellen nodig om de druk te verminderen. Het programmawerken van Zorg1 is één van de alternatieve vergoedingsmodellen die wij binnen het Zilveren Kruis aan het verkennen zijn. Een andere optie is dat wij onderzoeken hoe digitale zorg ook een rol kan spelen in het betaalbaar houden van de zorg. Binnen Zorg1 is het mooie dat de zorgaanbieder vrij blijft om de zorg zelf in te richten naar wat hij/zij vindt dat de beste zorg is voor de patiënt. Hier past het aanbieden van zorg op afstand ook goed in.”

 

Uitdagingen Zorg1 systematiek

In vergelijking tot andere zorgverzekeraars zijn wij het meest terughoudend geweest in het omarmen van het programmawerken van Zorg1. Wij werken ook alleen met het Zorg1 Lage Rug Programma. Niet omdat ik niet geloof in het vergoedingsmodel, maar omdat de systematiek nog niet aansluit bij de huidige bekostigingsstructuur.  Daarom zijn wij dus heel voorzichtig geweest en verkennen we stap voor stap het ‘nieuwe’ vergoedingsmodel om eerst goed te kunnen bepalen of dit nu de toekomst is of niet. Het heeft wat mij betreft wel potentie. De volgende stap voor Zorg1 zou moeten zijn om alle zorgverzekeraars bij elkaar te krijgen. Ga in gezamenlijkheid kijken  hoe de nieuwe declaratiestandaard beter ingepast kan worden binnen alle ‘werelden’. Een belangrijk punt is ook dat een verzekerde het niet snapt. Hij is is gewend dat een zitting één ‘tik’ in de aanvullende verzekering (AV) kost. Voor een verzekerde zijn wij ook een soort ‘winkeltje’. De grote vraag is dan: hoe zetten wij de zorgprodukten in onze ‘etalage’? Nu zeggen wij dus niet dat wij zorgprodukten hebben ingekocht, dus dan weet een klant ook niet dat het bestaat. Dit geeft veel onrust in de behandelkamer. Hierdoor moeten zorgverleners steeds uitleg geven aan patiënten. Wij begrijpen dat hier ook een belangrijke taak bij ons ligt.

 

De samenwerking met Zorg1

“Ik werk pas twee jaar samen met Zorg1 dus over de jaren daarvoor kan ik niet veel zeggen. Ik ervaar de samenwerking als heel plezierig en constructief. Vorig jaar is Ron Haanschoten erbij gekomen als directeur. Hij is heel zorgvuldig en heeft de inhoud goed op orde. Sinds zijn komst is Zorg1 heel hard aan de slag gegaan met kwaliteitswaarborging en het inzichtelijk maken van de resultaten. Dit heeft de samenwerking zeker een positieve boost gegeven. Het is een enthousiast en welwillend team. Zij zijn de innovatoren waar wij vanuit Zilveren Kruis naar op zoek zijn. We hebben vertrouwen waar jullie mee bezig zijn.”

 

Beleidsstappen Zilveren Kruis

Caroeline geeft aan dat de leveringsvormen van de zorg de komende jaren wezenlijk gaan veranderen. Er vindt steeds meer een verschuiving plaats van een hulpvragende patiënt naar een klant met een zorgvraag. . “Deze klantheeft andere verwachtingen van de fysiotherapeutEr is behoefte aan tijds- en plaatsonafhankelijke zorglevering. Er is ook steeds meer behoefte aan digitale begeleiding en ondersteuning met trainings- en oefenprogramma’s. Klanten hebben steeds vaker zelf de regie in hun behandeltraject. De inhoud van ons beroep kan niet op dezelfde manier geborgd worden als de leveringsvorm verandert. Het is belangrijk dat zorgverleners de zorg op andere manieren beschikbaar gaan stellen. Wij kijken nu kritisch of de inhoud die in een traject zit ook noodzakelijk is voor alle trajecten. Hierbij gaan wij patiënten meer in categorieen indelen. Dit heeft niets met leeftijd te maken. Dertigers kunnen zeggen ‘ik wil echt naar de fysio toe’ terwijl sommige mensen van 70+ zeggen ‘ik vind online zorg fantastisch’.”

 

Zorg gaat er anders uitzien

“Wij gaan er binnen het beleid van de komende jaren steeds meer naartoe werken dat verzekerden de keuze hebben in de manier waarop ze de zorg geleverd krijgen. . Het is niet meer nodig dat de patiënt altijd naar de praktijk komt om zijn of haar oefeningen te doen. Het gaat er echt anders uitzien.”

 

Fysiotherapeut, kom van je eiland af

“Een andere belangrijke beleidsontwikkeling is dat wij willen stimuleren dat zorgverleners van hun eilandjes afkomen en veel meer samen gaan doen met andere disciplines. Dat er vanuit een probleem/klacht geïnventariseerd wordt wat de onderliggende belemmering is. Hier dient het zorgaanbod op aan te sluiten. Dat er bij de hulpvraag van de patiënt ook gekeken wordt of er voor een optimaal resultaat wellicht een combinatie van paramedische zorg nodig is. Denk bijvoorbeeld aan een combinatie van fysiotherapie, ergotherapie en diëtetiek bij valpreventie.  Om dit mogelijk te maken moeten wij eerst intern dwarsverbanden maken, zodat het daarna extern uitvoerbaar en toepasbaar wordt. Dit is ongelooflijk complex, omdat wij te maken hebben met verschillende bekostigingsmodellen. Ik heb het dan ook echt over meerjarentrajecten. Het zit er wel aan te komen. Paramedici moeten in de toekomst gewoon onderling cases met elkaar kunnen uitwisselen en samenwerken op basis van de hulpvraag van de patient. Zorg op maat dient voor iedereen beschikbaar te zijn. Per definitie staat dit dan voor zinnige  zorg!”

 

Tip voor Zorg1 praktijken

“Ik heb niet zozeer een tip. Wat ik aan Zorg1 praktijken wil meegeven is: gun het jullie zelf om te experimenteren. Het hoeft niet allemaal perfect te zijn. Gun jezelf de ruimte om het te gaan doen en eventuele missers op de koop toe te nemen. Probeer uit of het een methode is die bij jullie past en op welke manier. Gun jezelf om dat proces te doorlopen. Voor ons is het dan ook interessanter om met jullie in gesprek te gaan. Praktijken zijn heel bang om afgewezen te worden. Je hoeft hier niet bang voor te zijn, wanneer je handelt vanuit de intrinsieke motivatie om het voor je patiënten goed te regelen, dan horen missers (zoals op een verkeerde manier declareren) erbij. Hier kunnen wij altijd over in gesprek gaan. Verzamel bruikbare informatie, ga gewoon aan de slag en probeer zoveel mogelijk te leren.”

254

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *